De bank is lang de vanzelfsprekende eerste stop geweest voor een ondernemer met een financieringsvraag. Dat is veranderd. Strengere eisen, een voorkeur voor onderpand en trage procedures zorgen ervoor dat veel mkb’ers elders kijken, en het aanbod buiten de bank is ruimer geworden. Maar meer keuze betekent ook meer afwegingen. Elke vorm kent eigen voorwaarden, eigen kosten en een eigen invloed op het bedrijf. Wie de opties kent, kan gerichter beslissen welke financiering bij het plan past.
Vreemd vermogen en eigen vermogen
Een eerste onderscheid is dat tussen lenen en een investeerder binnenhalen. Bij vreemd vermogen leen je geld dat je terug moet betalen, meestal met rente. Bij eigen vermogen verkoopt de ondernemer een deel van het bedrijf en krijgt hij kapitaal waar geen vaste aflossing tegenover staat. Daar staat tegenover dat de nieuwe aandeelhouder meebeslist en meedeelt in een eventuele winst.
Tussen die twee uitersten bestaan mengvormen. Een achtergestelde lening, bijvoorbeeld, staat in rang achter andere schuldeisers en wordt daardoor door een bank eerder als eigen vermogen meegerekend. Voor de financier is dat riskanter, wat doorgaans in de voorwaarden terugkomt.
Een overzicht van vormen buiten de bank
Het gaat om alle geldbronnen die niet door een traditionele bank worden verstrekt, in de markt vaak non bancaire financiering genoemd. Daaronder valt crowdfunding, waarbij veel kleine investeerders via een platform samen een bedrag inleggen. Ook leasing hoort erbij, waarbij je een machine of voertuig gebruikt zonder het te kopen, en factoring, waarbij een financier openstaande facturen overneemt zodat je niet hoeft te wachten op de betaling van de klant.
Daarnaast bestaan er voorraadfinanciering, particuliere leningen van familie of vrienden, durfkapitaal van participatiemaatschappijen en leningen van fondsen die zich richten op een bepaalde sector. Soms levert een leverancier krediet in de vorm van uitgestelde betaling. Elke route past bij een andere situatie: een groeiend bedrijf met veel debiteuren heeft iets anders nodig dan een starter met een idee.
Afwegingen die ertoe doen
Snelheid is een veelgenoemd argument. Alternatieve financiers beslissen soms in dagen waar een bank weken nodig heeft. Dat tempo kan een kans redden, maar het kan ook verleiden tot een deal die niet goed is doorgerekend. Let op de totale kosten, niet alleen op de rente: afsluitkosten, boetes bij vervroegd aflossen en bijkomende voorwaarden kunnen de werkelijke prijs flink veranderen.
Een tweede afweging is controle. Een investeerder wil vaak een stem in de strategie, en sommige financiers stellen eisen aan de wijze waarop het bedrijf wordt gerund. Wie zijn zelfstandigheid belangrijk vindt, kiest eerder voor een lening dan voor aandelen. Ten slotte telt de zekerheid die moet worden gegeven: bij sommige vormen dient de ondernemer persoonlijk borg te staan, en dan loopt het risico door tot in het privévermogen.
Zo kom je tot een onderbouwde keuze
Een goede financieringsaanvraag begint met een heldere vraag. Waarvoor is het geld nodig, hoe snel wordt het terugverdiend en wat gebeurt er als de omzet tegenvalt? Wie dat in een kasstroomprognose heeft uitgewerkt, kan met elke financier een zakelijk gesprek voeren. Ook is het slim om meerdere offertes te vergelijken en de voorwaarden zorgvuldig te lezen, het liefst met iemand die er verstand van heeft.
Wie zich in dit onderwerp wil verdiepen, vindt bij FOI een e-learning over non-bancair financieren. Die is los van plaats en tijd te volgen en praktijkgericht van opzet, met als thema financiering buiten de bank om. Dat maakt hem geschikt voor ondernemers, maar ook voor adviseurs en financieel professionals die in hun werk regelmatig met zulke vragen te maken krijgen.
Financieren buiten de bank is geen wondermiddel en ook geen noodoplossing. Het is een gereedschapskist met verschillende gereedschappen. De kunst zit erin om het juiste gereedschap te kiezen voor de klus, en dat begint met kennis van de mogelijkheden en een eerlijk beeld van de eigen situatie.
